Road trip naar Toeva, 3

Jan 17, 2019
 Nabij het stuwmeer van Tsjeremoesjki
Nabij het stuwmeer van Tsjeremoesjki

Na de uitnodiging tot een gezamenlijke thee, vervolgens uitgebreid met zoeternijen en fruit, praatten we gisteren tot laat in de nacht met onze gastheren. Zelfs dit nachtelijk gesprek verstoort mijn onhebbelijke reisgewoonte – vervloekt door diegenen die ooit al het “genoegen” hadden samen met mij te reizen – niet. Om amper 5 uur 's morgens ben ik al uit de veren en er met geen stokken terug in te krijgen.

Ons gastgezin raadde aan een beetje op onze stappen terug te keren om Toeïm te bezoeken. Tot van Moskou komen ze daarheen. Van wat er gisteren werd verteld, of althans van wat ik ervan begreep, stel ik me een middelhoge berg voor. Hoe hoger, hoe groter de steiltegraad. Ongeveer halverwege een horizontale snede waarbij de bovenste helft van de berg gespiegeld ingeklapt wordt in de onderste helft. Of het hogere deel binnenstebuiten gekeerd in het lagere deel. Een berg die verzinkt tot een gat in de grond. 

Hoe heeft deze berg zich binnenste buiten gekeerd? De mens een wroetende mol die bij het uitgraven van zijn schachten alle veiligheidsvoorschriften negeert. Het koper en wolfraam kan niet snel genoeg gedolven worden. De goelag nabij de mijn garandeert de massale aanvoer van arbeidskrachten. Tot de berg er genoeg van heeft.

Ingeklapte berg
Ingeklapte berg

Bijna terug bij de wagen worden we aangesproken. Een jaar of 35, een doorleefd gezicht. Een mooi lichaam dat nog niet de leeftijd van het gezicht heeft overgenomen. Een lichaam met evenwichtsstoornissen. Nog geen halfacht 's morgens en al onder invloed. “Waar gaan jullie heen? Naar de ingeklapte berg?” “Nee daar komen we net vandaan.” Een knik en de volgende wordt al aangesproken. Een buurman die zijn hond uitlaat. De puppy die van onder de houten afrastering komt gekropen, verleidt de hond tot ongehoorzaamheid. Waarom samen met het baasje optrekken als zich een echt speelkameraadje aanbiedt? Hun kwispelend grommende aanvallen zijn een kort leven beschoren. Plots vergeet de puppy het speelse karakter van hun gevecht en snelt hij er met de staart tussen de benen angstig piepend vandoor.

Het dorp Znamenka betekent het eindpunt van onze landelijke shortcut. Voor we de R 257 die Krasnojarsk verbindt met Abakan (en eigenlijk zelfs met Kyzyl) vervoegen, pauzeren we. Terwijl we onze hete koffie binnenslurpen zien we een in lange gewaden geklede dame verdacht lang en geïnteresseerd rond onze wagen cirkelen. In Rusland tonen de cijfers in de rechterhoek van de nummerplaat in welk deelgebied de wagen is ingeschreven. In ons geval verraadt de 154 de oblast Novisibirsk als onze oorsprong. Is het dat wat haar interesse wekt of heeft ze onfrissere bedoelingen? Bij het verlaten van het café spreekt ze me aan. Haar uiterlijk beantwoordt aan mijn beeld van zigeuners. Haar eerste vraag is er een naar geld. Haar tweede vraag naar een sigaret kent wel succes. 

Een kleine 100 kilometer scheidt ons van Abakan, de hoofdstad van de republiek Chakassië. Van daar uit zijn er twee mogelijke routes naar Kyzyl. Een kortere die door de busverbinding tussen Abakan en Kyzyl wordt gevolgd. Een langere die via Ak-Dovoerak voert en dwars doorheen Toeva loopt. Van deze langere weg zou het gedeelte tussen Abakan en Ak-Dovoerak enkel zijn aangelegd  ter wille van het vrachtvervoer vanuit de asbestgroeve waaraan ook de stad Ak-Dovoerak zelf zijn bestaan dankt. Sinds de wereldwijde implosie van de asbestindustrie zou deze weg nagenoeg niet meer gebruikt en amper onderhouden worden. Je kan het al raden? Hoewel ons gastheren deze optie gisteren uitdrukkelijk afraadden, wordt dat de onze.

Waterkrachtcentrale Sajano-Sjoesjenskaja
Waterkrachtcentrale Sajano-Sjoesjenskaja

Abakan laten we links liggen. We zijn de grootste waterkrachtcentrale van Rusland te dicht genaderd om hetzelfde met haar te doen. Zo ontmoet ik voor het eerst sinds vorig jaar opnieuw de rivier waarop de stuwdam is gebouwd: de Jenisej.

Op 17 augustus 2009 vielen er 75 dodelijke slachtoffers bij een ongeluk in de machinekamer van de elektriciteitscentrale. Dagenlang heerste een nagenoeg totale blackout in dit deel van Rusland. 

Omdat we zin hebben te zwemmen, proberen we het stuwmeer aan de andere zijde van de dam te bereiken. Wat het zwemmen betreft, loopt onze zoektocht op een sisser af. Wat bijzondere plaatsen betreft, wordt het een succes.

Nabij het stuwmeer van Tsjeremoesjki
Nabij het stuwmeer van Tsjeremoesjki

Terwijl Oksana wacht op onze net bestelde shoarma, zal ik snel de winkel om de hoek binnen springen. De vraag die de kassierster me bij het afrekenen stelt, meen ik te begrijpen. Apetrots met mijn kennis van het Russisch antwoord ik: granny smith. Nadat ze met een geamuseerde glimlach opstaat en de appels aan de weegschaal bij de fruitafdeling afweegt, besef ik dat ze een andere vraag stelde.

We verorberen onze shoarma op een bankje in een park vlakbij de winkel. Op enkele meters van ons vandaan schommelt een dromerig meisje van een jaar of acht. Ze is helemaal alleen in het park en het lijkt erop dat ze volledig opgaat in het schommelen. Zodra ze meent dat wij geen aandacht aan haar besteden, kan ze het niet laten met overgeïnteresseerde, starende ogen ons gesprek af te luisteren. Zodra ze merkt dat wij dat merken, verspringt haar blik. Niet voor lang echter. 

Morgen wordt het meest desolate stuk van onze tocht. Omdat we geen idee hebben in welke erbarmelijke staat de weg zal verkeren, rijden we vandaag nog ietsje verder. Zo bouwen we marge in voor mocht er morgen iets mislopen. Het is pikdonker wanneer we ons aanmelden aan de receptie van het enige hotel in Askiz. Gelukkig is er nog een kamer vrij.

Tekst en foto's: Lieven Vandenhole

Lees het Dagboek uit Rusland

Vorig artikel Orthodoxe gemeenschap in rouw
Volgend artikel Eerste stappen

Ons steunen

December 2019