Road trip naar Toeva, 2

Jan 8, 2019

Na een stevig ontbijt terug de weg op. Nu we de R-255 verlaten en voor het eerst sinds ons vertrek uit Novosibirsk opnieuw gebruik maken van onze navigator duurt het niet lang voor we hem herkennen. Eigenzinnig als hij is, stuurt hij ons regelmatig een andere richting uit dan diegene die de occasionele wegwijzers aanduiden. De door ons gegeneerde stofwolken laten vermoeden dat hij ons graag de Russische aarde laat proeven. 

Een eerste pauze. Nog steeds in de oblast Kemerovo. In het dorp – Tambar is de naam – heerst een idyllische rust. 

Wat een contrast. Links van ons een oneindig bos en een even oneindige stroom van water uit de heilige bron. Rechts van ons een groots meer. Aan de overkant van het meer een reusachtige fabriek. Een fabriek die zich later, bij het eraan voorbijrijden, toont als een elektriciteitscentrale. Deze centrale bekleedt een centrale plaats in de regio. Tijdens de economische crisis van de jaren negentig werd de roebel als loonstandaard verlaten voor een lokaal “centrale”-betaalmiddel. De spoorweg die ik meen te zien, blijkt een transportband die de elektriciteitscentrale rechtstreeks bevoorraadt met de 14 kilometer verderop ontgonnen steenkool.

Heilige bron nabij Sharypovo
Heilige bron nabij Sharypovo

Hoewel we het niet beseffen, zijn we van de oblast Kemerovo de kraj Krasnojarsk binnen gereden. De naam van het tankstation is duidelijk: krasnojarskneftproducten. Ik schat mijn geografische kennis van deze regio zo hoog dat ik het waag er even over te discussiëren: we kunnen niet in de Krasnojarsk kraj zijn! Deze kraj – met een oppervlakte waarin gans West-Europa past – is nog groter dan ik dacht. Aan de achterkant van het winkeltje bij het tankstation een toilet. Wel het soort toilet dat enkele voorzorgsmaatregelen vereist. Je portefeuille, portemonnee, sleutels en camera haal je best vooraf uit je zakken. Je zou toch niet willen dat die verdwijnen in het gat in de grond waarboven je hurkt? 

Van onze road trip in de republiek Altaj zijn we zo gewoon aan te pas en te onpas de weg versperrende of overstekende koeien, paarden, schapen of geiten, dat we er hier nog amper aandacht aan besteden.

Rechts voor ons uit op een heuvel een groot hart-monument. Van daaruit moet het uitzicht schitterend zijn. Daarheen? We parkeren aan de rand van de weg en gaan te voet de helling op. Het uitzicht is adembenemend. En de honger moet gestild. Dus waarom niet picknicken op deze plek? Bij het te voet naar boven trekken, merkten we karrensporen die onze wagen de baas moet kunnen. Niet dat we lui zijn maar waarom verschillende keren op en aflopen. Mensen trekken mensen aan. Of is het onze auto die, zichtbaar vanop de weg, een gelijkaardige aantrekking uitoefent op andere wagens? Of zijn het de bestuurders die eens ze merken dat dit uitzichtpunt met de wagen te bereiken is niet langer aan de verlokking kunnen weerstaan? Ons nagenoeg-alleen-op-de-wereld-gevoel op onze 360-graden-uitzicht-picknickplaats wordt een paar keer verstoord. Na de snel genomen obligate selfies aan het hart zijn ze er onmiddellijk terug vandoor. Oef.

Zoutmeer Shira
Zoutmeer Shira

Na de korte doortocht in een uithoek van de kraj Krasnojarsk bereiken we de republiek Chakassië.  De grensovergang tussen beide deelgebieden luidt het begin in van uitmuntende wegen. Waarom staat daar in the middle of nowhere een brandweerwagen stil? Pas wanneer we vlakbij zijn, zien we de wagen die ongewild het veld langs de kant van de weg opzocht. Nog geen tien minuten later is het opnieuw prijs. Hier aangeduid door twee politiewagens en vier agenten die het verkeer tot vertragen aanmanen. De ongevallen herinneren ons aan het gevaar dat dergelijke monotone biljarttafelgladde wegen inhouden. Beide keren is er geen enkele reden daar de weg af te gaan. Geen bochten, geen vrij loslopende dieren, …. 

De stad Shira kondigt het zoutmeer Shira aan. Met de moeite die we gisteren ondervonden om een slaapplaats te vinden in het achterhoofd, maken we het ons vandaag wat makkelijker. Waarom niet eens logeren als echte toeristen in het vakantiestadje Zjemtsjoezjnyj dat aan het meer zijn bestaan dankt? Het hoogseizoen is voorbij. Keuze te over dus. We kiezen voor een privékamer bij een koppel. We zijn de enige gasten. Geen douche of badkamer. Wel een banja die ze voor ons aanmaken. Zo kunnen wij ons verwarmen na de avondlijke zwempartij in het afgekoelde meer. Het badhuis bevindt zich in een afzonderlijk huisje. Drie ruimten. Een inkomhal met kapstokken en stoelen. De eigenlijke wasruimte. Aan de wand die deze wasruimte scheidt van de sauna een groot rechthoekig metalen vat. In dit open vat warm water. Zo heet, zo ervaar ik na de sauna, dat je je er onmiddellijk aan brandt. Een vat met koud water. Met een plastic kan schep je water uit de respectievelijke vaten tot de temperatuur van de in een plastic wasbak gegoten mengeling jou bevalt. Je mag heel kwistig met water omgaan. Zelfs wanneer je een volledig gevulde wasbak ineens over je uitgiet, kom je nooit in een plas water te staan: het water verdwijnt razendsnel in de de weelderige kieren in de houten plankenvloer. Als een ander, warmer mens verlaat je het badhuis.

Tekst en foto's: Lieven Vandenhole

Lees het Dagboek uit Rusland

Vorig artikel Road trip naar Toeva, 1
Volgend artikel Natascha Wodin – Ze kwam uit Marioepol

Ons steunen

December 2019